Page content

Vijf feiten en fabels bij een letselschade aanrijding

Vijf feiten en fabels bij een letselschade aanrijding

Een verkeersongeval is de katalysator van heel wat papierwerk. Er ontstaat schade en een partij moet die schade dan ook vergoeden. Maar welke partij moet dat doen? In de loop der jaren zijn wij al heel wat stellingen tegengekomen die helemaal niet kloppen. Vooral het internet blijkt weinig hulp te bieden. Dergelijks misverstanden helpen we dan ook graag de wereld uit. Toch schuilt er soms ook waarheid achter die bewering. Hieronder volgen dan ook vijf beweringen. Je hoorde ze al eerder? Wij geven concreet aan of we ze al dan niet in de fabelprullenbak deponeren.

# 1. Als je als fietser geen verlichting hebt, heb je geen recht op een schadevergoeding

In het Nederlands aansprakelijkheidsrecht spreken we inderdaad over een foutbegrip: de persoon die zo’n fout begaat, moet dan ook de schade vergoeden. Het zich nachtelijk onverlicht begeven op het wegdek, kan zo’n fout uitmaken.

Fabel: Toch is bovenstaande stelling niet juist. Er dient immers gekeken te worden naar de concrete omstandigheden. De stelling kán bijvoorbeeld kloppen indien een andere fietser jou door het gebrek aan verlichting helemaal niet kon opmerken. Dan ben jij inderdaad aansprakelijk voor zijn schade. Wanneer een motorrijtuig jou van de weg maait? Dan is de situatie volledig anders. De fietser is immers een niet-motorrijtuig en hier geldt het principe dat de bestuurder van de wagen aansprakelijk is voor minimaal 50 % van de schade. Onder bepaalde voorwaarden kan de bestuurder die aansprakelijkheid nog aanvechten. Zo zou de bestuurder overmacht kunnen inroepen en aanhalen dat het voor hem écht onmogelijk was om jou op te merken. Toch moet ook hier gekeken worden naar de feitelijke omstandigheden. Was de weg voldoende verlicht? Was er sprake van maanlicht? Had het voertuig een aangepaste snelheid? In de praktijk is het dan ook heel moeilijk om die aansprakelijkheid te ontlopen. In vele gevallen zal je als fietser dus nog steeds recht hebben op een schadevergoeding. Het betreft hier een fabeltje: weg ermee.

# 2. Bij een eenzijdige aanrijding kan je geen schadevergoeding claimen

Je rijdt met een wagen tegen een boom zonder dat er sprake is van een andere weggebruiker. In dat geval moet je dan maar zelf opdraaien voor de schade, tenzij je over een goede verzekering beschikt. Of toch niet helemaal?

Fabel: In principe klopt bovenstaande stelling. Toch hoeft dat lang niet altijd de waarheid te zijn. Een en ander is afhankelijk van de oorzaak van het ongeval. Lag de weg er veel te glad bij en liet de wegbeheerder het na om voldoende te strooien? Was er sprake van een omgevallen boom? Ontweek je een obstakel die door iemand anders op de weg achtergelaten werd, waarna jouw wagen aan het slingeren ging? Er zijn heel wat gevallen waarbij je alsnog een schadevergoeding kan claimen. Veralgemenen is dus echt niet nodig. Dat laatste is overigens een goede levenstip.

 

Een ongeval kan leiden tot blijvend letsel. Wanneer een ander voor het blijvend letsel aansprakelijk is, kan het slachtoffer een schadeclaim indienen.

 

# 3. Als mijn wagen wordt aangereden, moet ik dat zelf bewijzen

Als bestuurder van een motorrijtuig kan je dus niet gewoon de andere partij aansprakelijk stellen en hem laten bewijzen dat hij niet aansprakelijk is voor de schade? Hij beging toch een fout, de wetgever kan toch echt niet willen dat ik alle bewijslast draag? Dat kan toch niet kloppen?

Feit: Toch is bovenstaande stelling waarheid. Anders zou iedereen zomaar elkaar kunnen aansprakelijk stellen. Je zal dan ook zelf moeten aantonen dat er sprake is van een fout, van schade en van een verband tussen die fout en de schade. Bovendien zal je de tegenpartij dienen aan te wijzen. Het is dan ook belangrijk om steeds na het ongeval de nodige bewijsstukken te verzamelen. Lukt het niet om de andere partij aan te spreken, bijvoorbeeld omdat je de identiteit niet kon achterhalen door het vluchtgedrag van die laatste? Dan dien je een beroep te doen op het Waarborgfonds Motorverkeer.

# 4. Ik krijg altijd een schadevergoeding als de andere bestuurder dronken is

Dronken zijn achter het stuur, dat is wettelijk verboden. De fout van de andere bestuurder staat dan ook vast. Natuurlijk heb ik dan gewoon recht op een schadevergoeding?

Fabel: Bij een verkeersongeval worden steeds alle concrete feiten in rekening gebracht. Het klopt dat de andere bestuurder een fout beging, maar dat kan ook gewoon voor jou zo zijn. Zo had je misschien wel voorrang moeten verlenen aan de andere bestuurder die onder invloed was? Wel is het zo dat er in hoofde van de dronken bestuurder sprake is van een eigen schuld en dat hij vaak ook een moeilijkere bewijslast draagt. Toch impliceert dat lang niet dat je zomaar 100 % van de schade op hem kan verhalen, integendeel.

# 5. Voor een letselschadezaak moet je naar de rechtbank

De schadevergoeding kan bij een letselschadedossier snel oplopen. Daarom zal de tegenpartij er niet zomaar mee akkoord gaan. Bijna altijd worden de partijen zo gedwongen om naar de rechtbank te trekken. Of niet?

Fabel: In Nederland is het niet verplicht om naar de rechtbank te stappen bij een letselschadedossier. De partijen kunnen dan ook onderling tot een overeenkomst komen. In bijna 95 % van de gevallen is dat dan ook het geval. Zaken waarbij een procedure voor de rechtbank noodzakelijk is, zijn eerder uitzondering dan regel. Natuurlijk is dat nog lang geen garantie op eenvoudige onderhandelingen: waar de letselschade advocaat een maximale vergoeding voor zijn cliënt tracht te behalen, geldt voor de betalende verzekeraar immers het omgekeerde. Bij SAP Letselschade Advocaten zullen we dan ook niet nalaten om, indien nodig, toch een procedure voor de rechtbank te starten. Anderzijds is dat lang geen wetmatigheid.

    Comment Section

    0 reacties op “Vijf feiten en fabels bij een letselschade aanrijding

    Plaats een reactie


    *


    This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.