De gevolgen van een kattenbeet: niet zo onschuldig?!

De gevolgen van een kattenbeet: niet zo onschuldig?!

In vergelijking met hondentanden zijn de tandjes van een kat een stuk schattiger. Toch kan ook een kat stevig uithalen, met diepe steekwonden tot gevolg. Anderzijds schuilt het grootste gevaar van een kattenbeet misschien wel in de bacteriën die ze zo kunnen overdragen. Iedere vorm van letsel door dierenwordt daardoor maar beter gevolgd door een bezoek aan de huisarts. Indien nodig wordt de bezitter van het dier ook aansprakelijk gesteld voor de schade. Uiteraard speelt SAP Letselschade Advocaten hier een cruciale rol in de afhandeling van het schadedossier.

Lichamelijk letsel door kat: diepe steekwonden

De tanden van een kat zullen geen scheurwonden veroorzaken, integendeel. Het gaat meestal om vrij diepe steekwonden. De medische literatuur heeft het over scherpe trauma’s die een goede wondverzorging bemoeilijken. In ongeveer 30 tot 50 % van de ernstige kattenbijtwonden zou er ook sprake zijn van infecties. Ook artsen zijn zich daarvan bewust en zullen dan ook niet altijd meteen overgaan tot het sluiten van de bijtwonde. Het aanbrengen van vreemde materialen zou dan het risico op een infectie verhogen. Het nadeel is dat er zo eenvoudiger grote littekens ontstaan die ook emotionele schade met zich kunnen meebrengen. Dat staat uiteraard open voor een smartengeldvergoeding. Andere mogelijke gevolgen zijn schade aan de zenuwen, fracturen, gewrichtspenetratie en gedevitaliseerd weefsel. Vooral bij kinderen zijn dergelijke gevolgen een groter risico.

Wondinfecties na kattenbeet: bezoek steeds de huisarts

Tot 50 % van de ernstige kattenbeten zouden resulteren in een wondinfectie. De moeilijkheid om de wond schoon te maken, speelt een belangrijke rol in dat hoog cijfer. In ongeveer 75 % van die gevallen zou de bacterie Pasteurellaaan de basis liggen. Deze infectie ontwikkelt zich al binnen een termijn van drie tot vierentwintig uur na de beet. Het laat zich kenmerken door pijn en zwellingen, wat uiteindelijk kan resulteren in een abcesvorming. De andere symptomen zijn dan weer afhankelijk van de locatie waar de beet zich bevindt. In de buurt van de luchtwegen is er bijvoorbeeld een verhoogde kans op gevoelige sinussen en heesheid. Bij een beet in de buurt van de ogen kan de infectie aanleiding geven tot een hoornvlieszweer en oogproblemen. Andere bacteriën die vaak voorkomen ingevolge een kattenbeet: coagulase negatieve stafylokokken, viridans streptokokken en Capnocytophaga canimorsus.

Hondsdolheid: let op in het buitenland!

Hoewel we hondsdolheid automatisch associëren met een hondenbeet, kunnen ook katten deze ziekte overbrengen. In een eerste fase zorgt de ziekte voor koorts, misselijkheid, hoofdpijn en overgevoeligheid. In de buurt van het gebeten lichaamsdeel treden dan bijzondere gevoelens op: een koud gevoel, jeuk en tintelingen zijn bijvoorbeeld niet ongewoon. Na verloop van tijd zal er eveneens sprake zijn van een verhoogde prikkelbaarheid en spierkrampen. Uiteindelijk zal het drinken zo onaangenaam worden voor de slik- en ademhalingsspieren dat de patiënt angstig wordt voor water. Sommige patiënten overlijden dan ook ten gevolge van de krampaanvallen tijdens een poging tot drinken. Tot slot ontstaan ook verlammingsverschijnselen, waarna een comateuze toestand zal volgen en de patiënt zal overlijden. In Nederland komt hondsdolheid in principe niet meer voor, in het buitenland echter nog wel. In Duitsland zijn er bijvoorbeeld soms nog steeds uitbraken van hondsdolheid bij vossen. In Oost-Europa komen ze ook nog voor bij andere wilde dieren, zoals bij de uit Oost-Azië afkomstige marterhond. Verder is er een verhoogd risico in bijna geheel Noord- en Centraal-Afrika, Azië (met uitzondering van Saudi-Arabië en Oman), Guatemala, Honduras, Cuba, Haïti en de Dominicaanse Republiek. Vooral bij een reis naar deze landen is enige voorzichtigheid en een voorafgaande vaccinatie geboden.

Kattenkrabziekte: vaak onschuldig, soms niet

De naam van deze ziekte laat uitschijnen dat het enkel wordt overgedragen door het krabben van de kat, niets is echter minder waar. Ook een beet of eenvoudig contact met het speeksel van een kat volstaat al om de ziekte over te brengen. Jaarlijks zouden ongeveer 300 tot 1000 Nederlanders getroffen worden door deze door de kat overgedragen ziekte. Meestal gaat het slechts om een eenvoudig ziekteverloop: enkele pijnlijke bultjes, zwellingen en lichte ziekteverschijnselen treden dan op. In ongeveer 2 % van de gevallen is het ziekteverloop echter veel minder onschuldig. De slijmvliezen rond het oog kunnen dan ontsteken en het gezichtsvermogen in het aangedane oog kan verloren gaan. In de meer extreme gevallen kan de ziekte zelfs resulteren in een hersenvliesontsteking, coma, stuipen, een aantasting van de lever of van de milt. Vaak gaat het in dergelijke gevallen echter om mensen die reeds te kampen hebben met een verminderde weerstand. Denk bijvoorbeeld aan HIV-positieven, kankerpatiënten of mensen die een orgaantransplantatie ondergaan hebben.
Reactie plaatsen
arrow_drop_up arrow_drop_down